• Belastingservice VBM

Onderscheid op leeftijd 62 jaar geen verboden onderscheid

maandag, 23 december 2019 13:26
Onderscheid op leeftijd 62 jaar geen verboden onderscheid

De Hoge Raad heeft uitspraak gedaan. Een proefprocedure, waarin het ABP aan de ene kant en de NPB en de VBM aan de andere kant stonden, komt daarmee ten einde. Helaas met een teleurstellend resultaat voor een groep gewezen overheidsmedewerkers.

 

Waar draait het om?


Als onderdeel van een breder pakket aan afspraken hebben sociale partners in 2014 de afspraak gemaakt dat gewezen werknemers met een ontslaguitkering tot de pensioendatum bij het ABP vanaf 1 januari 2015 pensioen kunnen opbouwen. Voor 2015 was die opbouw begrensd. Deze stopte namelijk bij het bereiken van de leeftijd van 62 jaar. Hierdoor ontstond de situatie dat gewezen werknemers een tijd lang geen opbouw hadden, te weten tussen het moment waarop zij 62 jaar werden (opbouw stopt) en 1 januari 2015 (opbouw wordt hervat).

Een van de “gedupeerden”, lid van de VBM, vond dat er sprake was van leeftijdsdiscriminatie en stapte naar het College voor de Rechten van de Mens. Het College gaf betrokkene gelijk. Het ABP was daar niet zo blij mee en vond het vanwege het mogelijke uitstralingseffect belangrijk om snel een rechterlijke uitspraak te hebben.

 

Wat vond het Gerechtshof?

 

Aan het Hof werd door het ABP de vraag voorgelegd om voor recht te verklaren dat het ABP geen verboden onderscheid heeft gemaakt door toepassing van de leeftijdsgrens van 62 jaar in het pensioenreglement wat betreft de pensioenopbouw voor gewezen werknemers met een ontslaguitkering. Het Hof heeft deze vordering toegewezen. Het Hof gaat daarbij voor twee ankers liggen. Allereerst oordeelt het Hof dat van een ongerechtvaardigd onderscheid in leeftijd geen sprake is, “omdat alle gewezen werknemers van deze groep in ieder geval op het moment dat zij 62 jaar worden geen recht meer hebben op voortgezette pensioenopbouw en op die datum gebruik kunnen maken van vervroegde ingang van hun opgebouwde basispensioen en FPU-basisrechten.”  Dan vervolgt het Hof met een overweging die uitgaat van het gegeven dat er wel sprake is van leeftijdsdiscriminatie Als er sprake is van een verboden onderscheid, dan geldt dat het stellen van een leeftijdsgrens objectief gerechtvaardigd is omdat er sprake is van een legitiem doel en de middelen om dat doel te bereiken passend en noodzakelijk zijn.

 

Hoe oordeelt de Hoge Raad?

 

Tegen dit teleurstellend oordeel van het Hof is door de NPB en de VBM cassatie ingesteld. Begin september concludeerde dat Advocaat-Generaal in een advies aan de Hoge Raad: vernietig de uitsprak van het Hof en verwijs de zaak ter verdere afdoening door naar een ander Gerechtshof. De Hoge Raad heeft dit advies echter niet overgenomen.

De Hoge Raad oordeelt niet meer over de feiten. De Raad oordeelt uitsluitend over rechtsvragen. In deze zaak waren twee “middelen” (grieven) ingebracht.

In de eerste plaats dat er wel degelijk sprake is van een verboden leeftijdsonderscheid. In de tweede plaats dat dit niet objectief gerechtvaardigd is. De Raad behandelt als eerste het laatste bezwaar. De raad vraagt zich af of het onderscheid passend en noodzakelijk is. Met het onderscheid worden twee doelen nagestreefd, aldus de Raad. Een van die doelen is “de omstandigheid dat sociale partners een ingewikkeld samenstel van rechten. plichten en voorwaarden hebben gecreëerd met het oogmerk om een evenwichtige en betaalbare pensioenregeling voor alle gewezen werknemers en pensioengerechtigden in stand te houden ….” Als blijkt dat dit een legitiem doel is en de middelen om dat te bereiken passend en noodzakelijk, dan is het onderscheid gerechtvaardigd. Het betoog van de NPB en de VBM dat niet cijfermatig onderbouwd is dat het middel noodzakelijk is, wordt door de Raad verworpen. Weliswaar moet het ABP onderbouwen, maar dat hoeft niet per se cijfermatig. Het ABP heeft gesteld dat het aan het stelsel ten grondslag liggende hoofdlijnenakkoord met cijfermateriaal is onderbouwd en dat voor elke bouwsteen die uit het stelsel wordt gehaald en tot kostenverhoging zal leiden, op andere onderdelen gecompenseerd moet worden. “Naar het kennelijke oordeel van het Hof legde het betoog van VBM en NPB onvoldoende gewicht in de schaal……..Dit oordeel is niet onbegrijpelijk.”, aldus de Hoge Raad.

 

Wat maakt deze uitspaak duidelijk?

Duidelijk wordt dat niet alle onderscheid op leeftijd, waarvan in de volksmond al snel geroepen wordt dat er sprake is van leeftijdsdiscriminatie, ook daadwerkelijk een verboden onderscheid oplevert. Duidelijk wordt ook dat de rechter tot een andere uitspraak kan komen dan het College voor de Rechten van de Mens, terwijl de toetsingscriteria gelijk zijn. Bovenal maakt deze uitspraak duidelijk dat de selecte groep gewezen overheidsmedewerkers met een ontslaguitkering waarvoor de procedure gevoerd is, niet alsnog recht heeft op pensioenopbouw tussen hun 62ste en 1 januari 2015.

 

De uitspraak van de Hoge Raad vindt u hier.

 

Getagged onder pensioenopbouw    leeftijdsdiscriminatie   
Log in om reacties te plaatsen
Inloggen Registreren

LOGIN MET UW ACCOUNTGEGEVENS

Gebruikersnaam
Wachtwoord

VBM op Twitter

Stel een vraag

help

 

Sitevizier

Sitevizier is de online nieuwsbrief van de VBM. U kunt zich hier aanmelden.

Deze site maakt gebruik van functionele en analytische cookies.

Ik begrijp het

De Vakbond voor Burger en Militair defensiepersoneel VBM

De VBM is er voor:

Defensiemedewerkers

Burgers

MILITAIREN

BURGERS

Reservisten

Postactieven & Veteranen

RESERVISTEN

PA & VETERANEN

Contact

VBM

Bezoekadres: Ametisthorst 20, Den Haag
Postadres: Postbus 93037, 2509 AA Den Haag
Tel. 070-3155111

Voor uitgebreide contactinformatie kijk hier >>>

Ga snel naar:

BBTV Sitevizier
Helpdesk Lid worden