Word lid
Bij de voorbereiding en uitvoering van reorganisaties speelt de medezeggenschap een belangrijke rol. Organisatieveranderingen dienen een vast agendapunt te zijn in de reguliere overlegvergadering tussen de medezeggenschapscommissie en het hoofd van de diensteenheid. Binnen de huidige reorganisaties bij Defensie, vooral in het kader van groei en vernieuwing, gaat het veelal om aanpassingen in personeelsstructuren (P&O), verbeteringen in werving en selectie (instroom), wijzigingen in functies en opleidingen en herstructurering van ondersteunende diensten, zoals het Dienstencentrum Personele Zorg (DCPZ).
In artikel 1, onder a, van de Regeling Overlegprocedures bij Reorganisaties (ROR) wordt een reorganisatie gedefinieerd als: 'een wijziging in de structuur en/of omvang van de vredesorganisatie of een deel daarvan, die betrekking heeft op ten minste vijf arbeidsplaatsen'. Wanneer aan deze definitie wordt voldaan, is de ROR van toepassing op het te voeren overleg. Als een organisatiewijziging minder dan vijf functies raakt, is er sprake van een Kleinschalige Organisatieverandering (KSO) en hoeft de ROR-procedure niet te worden gevolgd.
Er kunnen situaties ontstaan waarin het wenselijk is, om feitelijke veranderingen in de organisatie (gedeeltelijk) door te voeren terwijl formele besluitvorming over een (re)organisatie nog niet (of nog niet volledig) heeft plaatsgevonden. In deze situaties dient, in overeenstemming met het BMD, wel overleg te worden gevoerd met de betrokken medezeggenschapscommissie(s). Bij belemmeringen in de bedrijfsvoering kan bijvoorbeeld tijdelijk een werkorganisatie worden ingesteld, al dan niet ter ondersteuning van een KSO.
Reorganisaties binnen Defensie worden gefaseerd doorgevoerd. De vakbonden, verenigd in de Samenwerkende Centrales van Overheidspersoneel Defensie (SCO-DEF), zijn betrokken bij de beoordeling van de personele aspecten van een reorganisatie. Dat gebeurt in het Sectoroverleg Defensie. Volgens de ROR richt dit overleg zich op het bijzondere arbeidsvoorwaardelijke instrumentarium, de sociale aspecten en de personele effecten voor zover deze raken aan het algemene personeelsbeleid voor militaire ambtenaren en burgerambtenaren van Defensie. Onderwerpen die zijn voorbehouden aan het georganiseerd overleg vormen een gegeven voor de medezeggenschap; hierover kan geen advies worden uitgebracht. Zo kan de medezeggenschap geen advies uitbrengen over de personeelsparagraaf in een VRP.
Op dit moment verschillen het SCO-DEF en Defensie (lees: de Staatssecretaris) van mening over het zogenoemde Groeiplan Defensie. Defensie heeft dit plan eenzijdig vastgesteld. Verschil van inzicht is er ook over het verhogen van de bovengrens bij een KSO. Defensie heeft deze bovengrens eenzijdig verhoogd naar 50 functies. Defensie beschouwt het Groeiplan Defensie als vervanger van de URD, terwijl het SCO-DEF van mening is dat hiervan geen sprake kan zijn. Het SCO-DEF neemt tegen beide punten stappen. Inmiddels is de advies- en arbitrageprocedure opgestart.
Deze aspecten maken deel uit van het reorganisatieproces, waarbij snelheid boven zorgvuldigheid dreigt te worden geplaatst. Dit kan mogelijk nadelige gevolgen hebben voor de rechtspositie van individuele medewerkers.
Gelet op deze mogelijke nadelige gevolgen, waarbij sociale aspecten en personele effecten onvoldoende kunnen worden gewogen, verzoeken wij u als lid van de medezeggenschap geen positief advies uit te brengen over:
Afgesproken is dat de SCO Defensie alleen in actie komt, in zal grijpen, als de aspecten zoals hierboven benoemd, plaatsvinden.
Wij kunnen ons goed voorstellen dat dit vragen oproept of dat u het moeilijk vindt om negatief te adviseren bij een reorganisatie, waarmee u in eerste instantie zwaarwegende bezwaren heeft. Graag staan wij u te woord of adviseren u in die gevallen. Neem contact op met de ondersteuners medezeggenschap via mzo@mijnvbm.nl.