In het pensioenakkoord uit 2019 staat de afspraak dat er een tijdelijke regeling zou komen om werknemers met zwaar werk in staat te stellen om eerder te stoppen met werken zonder dat de werkgever zwaar fiscaal beboet zou worden. Op basis van deze afspraak is er bij Defensie een tijdelijke RVU-regeling (regeling vervroegd uittreden) voor burgermedewerkers afgesproken. Deze regeling liep tot 1 januari 2026.

In de tussentijd is er tussen vakcentrales, werkgevers en de regering verder gesproken over een voor alle werkgevers geldende vervangende regeling. Nu deze er is, lag bij Defensie de vraag op de overlegtafel of er afspraken konden worden gemaakt over een nieuwe regeling vanaf 1 januari 2026. Dat is gelukt.

Er wordt gewerkt aan het structureel maken van de RVU-regeling bij Defensie per 1 januari 2027. Voor het tussenliggende jaar 2026 is opnieuw een tijdelijke regeling overeengekomen. Dit heeft te maken met het feit dat er zwaardere eisen worden gesteld aan een RVU-regeling. Deze worden ook getoetst door TNO. Het in beeld brengen van wie wel en niet gebruik kan maken van de structurele regeling, kost tijd.

Voor wie?

De tijdelijke RVU-regeling voor 2026 sluit zoveel mogelijk aan bij de regeling, zoals die tot 31 december 2025 gold. Opgenomen in het voorstel zijn: nachtdiensten als bedoeld in artikel 30a, onder e, BARD; munitieruimen als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder categorie A, IRBAD en bezwarende arbeidsomstandigheden als bedoeld in artikel 5, eerste lid, onder b, IRBAD.

Wettelijk is bepaald dat de regeling alleen openstaat voor burgerambtenaren die maximaal 36 maanden zijn verwijderd van de pensioengerechtigde leeftijd. Verder zijn als voorwaarden in de tijdelijke regeling gesteld dat de ambtenaar een diensttijd moet hebben van 35 jaren én in de tien jaar voorafgaand aan het RVU-ontslag jaarlijks regelmatig de belastende werkzaamheden heeft uitgevoerd.

Daarnaast geldt dat iemand die aanspraak kan maken op functioneel leeftijdsontslag (FLO) of aanspraak heeft op een uitkering ingevolge de Uitkeringswet gewezen militairen (de BAT na LOM-ers), geen gebruik kan maken van de RVU-regeling.

De hoogte van de RVU-uitkering is voor 2026 vastgesteld op een bedrag van € 2.357,- bruto per maand bij een volledige aanstelling.

Let op!

Een RVU-regeling is géén pensioenregeling. Het is een afspraak tussen werkgever en werknemer waarbij men vóór de geldende AOW-leeftijd uit dienst gaat en een tijdelijke uitkering ontvangt. Zoals nu in het pensioenreglement staat, stopt bij deelname aan een RVU-regeling het ‘deelnemerschap’ van het pensioenfonds ABP. Dit is van groot belang, nu het ABP per 1 januari 2027 (volgens plan) overgaat op de nieuwe pensioenregeling. Maakt u gebruik van de tijdelijke RVU-regeling, dan bent u op dat moment dus geen deelnemer meer bij het ABP en daarmee vervalt daarmee een aanspraak op doorsneepremie-compensatie!

Burgerpersoneel dat vóór 1 januari 2027 van de tijdelijke RVU-regeling gebruik wil maken, wordt daarom met klem geadviseerd om zich goed te informeren en een weloverwogen besluit te nemen over het al dan niet gebruikmaken van de RVU in 2026! Uiteraard is het gebruikmaken een persoonlijke keuze. Daar kunnen heel goede redenen voor zijn. In algemene zin luidt ons advies om de ingangsdatum van deze RVU-regeling na 1 januari 2027 te leggen. Dat kan al snel enkele tientjes per maand meer ouderdoms- en nabestaandepensioen opleveren. Een pensioenleven lang.